Ik kreeg een brief van mijn oude werkgever, de minister van onderwijs: of ik er voor voelde weer les te gaan geven, fulltime of in deeltijd. Gezien de nijpende situatie rond de vacatures en het groeiend aantal onbevoegde lesgevenden voor de klas ......
Ik heb hem teruggeschreven dat het antwoord 'nee' is. De reden? Ik heb zes jaar terug het besluit genomen — met een uitgeklede vutregeling — een tweede carrière te beginnen als auteur en dat bevalt me prima. Ik werk als ik zin heb, ik ga op pad als ik zin heb. Er is hier geen rooster en er gaat nooit een pauzebel. Het klinkt als een vrij leventje en dat is het ook, maar het gaat er wel degelijk gedisciplineerd aan toe. Ik maak zeker zoveel uren als toen ik voor de klas stond. Nog gekker: als het zo uitkomt gaat op zaterdag en zondag het schrijven gewoon door. Dan zit ik in een FLOW.
Bovendien leer ik af en toe nieuwe mensen kennen: journalisten, lezers, uitgevers, andere auteurs, personen waar ik heen ga voor een interview of research. In het onderwijs keek ik steeds tegen dezelfde collega's aan. De meesten waren heel aardig, maar de contacten waren voorspelbaar en in het algemeen niet spectaculair. Ik mis hen niet echt. De leerlingen wel. Dat voedt de weemoed, maar zet mij niet aan tot twijfel.
Ik zeg dus 'nee' op die brief en voel me niet moreel bezwaard. Ik heb in dubbel opzicht mijn aandeel in het onderwijs geleverd: 36 jaar met plezier lesgegeven en daarnaast ook nog eens schoolboeken geschreven.
De overheid schrijft nu dus vutters en pensionado's aan met de vraag of ze willen helpen de groeiende puinhoop in het onderwijs te bestrijden. Dat heeft veel weg van een 1 april grap, maar eerder nog een sick joke. Dit zijn immers dezelfde mensen die in hun werkzame leven in alle opzichten door de overheid werden afgeknepen. Ze mochten steeds méér doen voor (in het gunstigste geval) hetzelfde salaris. Ze moesten een beleid slikken dat werd gepresenteerd als 'onderwijsvernieuwing', maar steeds neerkwam op 'bezuiniging' en 'taakverzwaring'. Ze zagen hun klassen groeien, de eigen inbreng slinken, de faciliteiten minder worden en uiteindelijk hun prestige devalueren.
Het Nederlands onderwijs verkeert in crisis en de gepensioneerden mogen opdraven als panacee. Wie op de brief 'ja' zegt komt terecht in de chaos die al jarenlang werd voorspeld. En ... is het financieel wel de moeite waard om 'ja' te zeggen? Het lijkt mij namelijk geen ondenkbaar scenario dat het vers verdiende loon op de VUT-uitkering of het pensioen zal worden gekort .....
De Macht van de Heren Bouwers
Laatst moest ik in drie steden zijn die ik al een jaar of vijf niet met mijn aanwezigheid had vereerd: Roelofarendsveen, Rijswijk en Roosendaal. Ik heb tot nu toe geweigerd om mijn routes te laten aansturen door frivoliteiten als tom toms of andere helpers met een sprekende display. Voor mij zijn dat volstrekt overbodige gadgets; ik heb een afkeer van onnutte artikelen die ook nog eens flink aan de prijs zijn, zelfs als Office Center of de Makro ze in de aanbieding hebben. Ik zet al vijfenveertig jaar mijn koers uit op basis van twee solide pijlers: mijn bloedeigen postduiveninstinct en een doodgewone, maar wel recente wegenkaart. Dat is altijd goed gegaan. Ik heb het al geleerd toen ik zestien was, in Frankrijk, op de fiets. Je blijft er scherp bij omdat je zelf nadenkt en je tijdens de reis voortdurend de omgeving observeert. Ik let op watertorens, spoorlijnen, bruggen. Met dit persoonlijk navigatiesysteem heb ik het altijd gered, en met gemak.
Maar nu ging het drie keer achtereen mis. Bij het binnenrijden van Roelofarendsveen, Rijswijk en Roosendaal herkende ik niets; mijn referentiekader was compleet verdwenen. Er was iets tussenuit. Ik wist zeker dat ik eerst nog twee kilometer weiland hoorde te passeren voordat ik de aanduiding 'bebouwde kom' zou tegenkomen! In plaats daarvan bevond ik mij onverwacht tussen nieuwe, hoge gebouwen met plantsoenen eromheen waarin piepjonge boompjes waren neergepoot. Het viel mij meteen op dat de panden er onbenut bij stonden, waardoor ik het gevoel kreeg dat ik op een door een regisseur secuur uitgezochte locatie was aangeland. Voor de verfilming van een absurd, futuristisch scenario gebaseerd op het werk van Franz Kafka. Ik zag grote panelen met 'TE HUUR of TE KOOP' aan de ingang van volstrekt lege parkeerpleinen. Maar wat me onaangenaam trof was dat er geen sterveling rondliep aan wie ik de weg kon vragen.
In Roosendaal ben ik uit de auto gestapt en heb ik de omgeving eens goed bekeken, voorzichtig leunend tegen zo'n miezerig boompje, met de armen over elkaar en waarschijnlijk een verbeten trek om de mond. Wat doen die gebouwen hier? Het was een doordeweekse dag, maar er werkte geen mens, er was geen sprankje activiteit. Ik hoorde alleen het zuchten van de wind en het krijsen van vier eksters die in een ongeordende formatie rondjes vlogen. Met welk doel zijn hier ontsluitingswegen vol ruisarm asfalt aangelegd als ik de enige ben die er op rijd? Wat is de zin van immense panden met niets er in? Toen ik een schuurtje in mijn tuin wilde moest ik me door een woud van formulieren worstelen — het werd afgewezen omdat mijn aanvraag niet strookte met het bestemmingsplan. Toegegeven, het is klein leed waar je gemakkelijk overheen komt. Maar hoeveel papier zou er hier zijn gebruikt voordat de eerste betonnen paal de grond in ging? Hoeveel architectenbureaus hebben schetsen gemaakt en plannen ontworpen? Hoeveel aannemersbedrijven zullen zich beijverd hebben om op deze twee vierkante kilometer mee te mogen doen? Hoeveel manuren zijn er door grondbedrijven gecalculeerd om weilanden bouwrijp te maken, rioolbuizen in de aarde te laten zakken en het bed voor de voorlopige bestrating aan te leggen? De betonstorters, timmerlieden, metselaars, dakdekkers? Er zijn op dit terrein vast tientallen miljoenen geïnvesteerd.
En nu staat het leeg, aan het opgeschoten onkruid te zien al een zomer lang.
Er waren wel bedrijven die wilden bouwen, maar er zijn geen bedrijven die erin willen. Dan rijst de vraag: zijn die er wel? Waarom is hier toch zo'n giga-project gerealiseerd? Of is het te duur om hier te huren of te kopen? Hoe moet dat dan verder? Is hier dan zinloos gebouwd en geïnvesteerd?
Nou ja, bedenk ik met enige berusting. Het heeft in elk geval maanden werk opgeleverd. Dan dringt het inzicht plots tot me door. Dat is het natuurlijk! Het gaat niet om het resultaat, maar om de weg erheen! In Nederland wordt niet gebouwd omdat er huisvesting nodig is voor bedrijven en kantoren. Welnee! Er wordt gebouwd omdat er gebouwd moet worden. De grote aannemers, wegenbouwers, asfalteerfabrieken en transportbedrijven mogen niet stilvallen, want dat is economisch ongewenst. Daarom verliezen ieder jaar honderden hectaren Nederlands grondgebied hun groene kleur. Daarom worden er Betuwelijnen bedacht!
Ik ben er toch gekomen, op de adressen waar ik moest zijn in Roelofarendsveen, Rijswijk en Roosendaal. Gewoon omdat ik al heel lang weet dat je, als je een blokje rijdt, na drie keer rechtsaf altijd op dezelfde kruising terug bent. En dat je het vervolgens een kruising verder nog eens probeert. Nieuwe ronde, nieuwe kans.
Oktober 2007
========================================
De Macht van Meneer Brouwer
Normaal gesproken bewaarde je champagne, een borreltje, een goed glas voor een speciale gelegenheid en een flesje bier voor een warme zomermiddag. Die tijd is voorbij. Dat kan niet meer, want de omzet van Meneer Brouwer moest omhoog. Een onderneming is immers alleen succesvol als de winst jaarlijks stijgt. Gewoon 'in de plus eindigen' is uit den boze; als het netto profijt minder dan vorig jaar blijkt te zijn spreekt men van 'een teleurstellend resultaat'. Meneer Brouwer heeft een scherp oog voor de belangen van zijn aandeelhouders en denkt na over de ontwikkelingen op de markt waar hij zo goed thuis is. Zijn conclusie is dat de consumptie van alcoholhoudende dranken niet langer een exclusief karakter dient te hebben; het moet iets worden dat bij het leven van alledag hoort.
Meneer Brouwer glimlacht. De eerste fase is jaren geleden al gerealiseerd: het publiek drinkt niet omdat het dorst heeft, maar omdat het geleerd heeft de producten uit zijn fabriek lekker te vinden. Zijn slimme marketingstrategen hebben hen als makke schapen meegevoerd. Haast vanzelfsprekend is er een 'behoefte' aan grotere alcoholconsumptie ontstaan.
Maar nu verschijnen er wat sombere wolkjes aan de hemel. Het wordt steeds duidelijker dat gewoon reclame maken niet langer tot het gewenste resultaat leidt. De groei stagneert! Meneer Brouwer voelt de adem van zijn aandeelhouders in de nek: via horeca, slijters en supermarkten wordt er te weinig 'volume' gerealiseerd. Van overheidswege zijn er zijn restricties; in kranten en tijdschriften kun je niet zomaar dranken aanprijzen, in de spotjes op radio en televisie mag je niet ongelimiteerd tonen hoe lekker het allemaal is. In de Tweede Kamer lijken er steeds meer moraalridders plaats te nemen die vinden dat de opgroeiende jeugd beschermd dient te worden. Niet dat het echt helpt, denkt Meneer Brouwer glimlachend. De enkele winkelier die er de hand aan houdt geen alcoholische dranken te verkopen aan personen onder de 16 wordt links en rechts door collega's gepasseerd. Geld verdienen gaat voor principes; dat is al sinds de zeventiende eeuw het motto in ons landje bij de zee. Eerst de omzet, dan de ethiek.
Hij staart vanuit zijn hoge directiepositie uit over de stad en denkt na. Als zijn ogen blijven rusten op de contouren van een stadion fronst hij een wenkbrauw. Op het moment dat hij de zes masten van een circustent gewaar wordt volgt de andere en breekt er opnieuw een glimlach door. Misschien ligt daar ligt de oplossing? Op sportevenementen en circussen komen duizenden mensen af. Logisch, die zijn er om het publiek amusement te bieden. Het is alleen jammer dat de exploitatie van dat soort zaken financieel tegenwoordig zo moeilijk ligt. De organisatie ervan is per definitie verliesgevend of op z'n minst noodlijdend. Als een drankproducent zich nu eens over een hernieuwde opzet van De Grote Evenementen Des Vaderlands zou ontfermen? Er is meer dan genoeg ruimte om te investeren, de risico's zijn gemakkelijk in kaart te brengen en het rendement zou best wel eens mee kunnen vallen. Wie weet haalt hij dan als sponsor zonder lastige beperkingen van allerlei reclamecodes alsnog de gestelde targets! Meneer Brouwer loopt naar zijn imposante bureau en neemt plaats in zijn zwartleren fauteuil. Hij leunt achterover, legt zijn voeten op het tafelblad en denkt na.
En zo geschiedde het. Inmiddels worden grote feesten, manifestaties, evenementen en dat soort dingen primair opgezet als een podium voor Meneer Brouwer om zich te profileren en omzet te scoren!
Je ziet het al aan de naam van het evenement:
Bavaria City Racing op de Coolsingel
Holland Heineken House / Olympische Spelen
Grolsch Live38 Ahoy Rotterdam
Bacardi BatBeats Scheveningen.
Ach, als u toch achter uw pc of mac zit? Tik samen met 'evenement' de naam van een drankenfabrikant in op Google en kijk eens wat er tevoorschijn komt!
Augustus 2007
==========================================